BLOG

Hoe overleef je als topschaatser de zomer?

Monique van de Velde | 21 september 2019

Schaatsen, een activiteit die in de zomer toch al snel een beetje op de achtergrond verdwijnt. Of in ieder geval, voor ons dan. Maar je kunt je voorstellen dat voor een professioneel schaatser als Kjeld Nuis, Antoinette de Jong of Sven Kramer deze activiteit niet zomaar even naar de achtergrond kan verdwijnen. Hoe overleef je als professioneel schaatser eigenlijk de zomer? Wordt er getraind? Hoe zit het met vakantie? Speelt voeding ook in de zomer nog een rol? Wij vroegen coach/trainer Jac Orie het hemd van het lijf…

1. Hebben de atleten eigenlijk vakantie?

Jac: “ Veel mensen denken dat de schaatsers de hele zomer heerlijk aan het strand liggen en dan ergens in september langzaam beginnen met trainen. Echter, na het seizoen nemen de atleten in maart en april drie weken vakantie. Daarna gaan ze langzaam weer aan de conditie werken, waarna meestal eind april alweer het eerste trainingskamp gepland staat. Vanaf dat moment trainen de schaatsers twee keer per dag, zes dagen in de week. 

Het is ook niet handig om langer vakantie te houden. Je moet heel veel tijd investeren om conditie op te bouwen, maar die goede conditie ben je in ‘no-time’ kwijt. Dus moet je snel weer beginnen met trainen. En daarnaast wil je elk jaar weer beter worden dan het voorgaande seizoen. Als jouw vakantie te lang duurt, dan ben je veel tijd kwijt om op je oude niveau te komen terwijl de concurrentie ondertussen al bezig is om beter te worden. ”

2. Wordt er geschaatst?

Jac: “ Ook in de zomer wordt er veel geschaatst. De afgelopen maanden was het soms buiten 35 graden, maar stonden wij op de ijsvloer van Thialf. De schaatstechniek moet je ook zien als een belangrijk trainingsgebied, net als conditie. En ook hiervoor geldt: als je het te lang niet doet, dan raak je dat gevoel voor de technische aspecten kwijt. 

Daarom hebben we deze zomer zo’n zeven weken in Heerenveen op het ijs gestaan. Begin september kozen we bewust voor een korte periode zonder ijs, waarna we vanaf medio september “definitief” voor het ijs kiezen. Voor ons begint dan eigenlijk al de winter. ”

3. Als er niet op het ijs wordt getraind, wordt er dan alternatief getraind?

Jac: “ In de zomerperiode doen we als alternatief voor het schaatsen veel aan skeeleren. Dat is toch de beweging die het dichtstbij schaatsen komt. Daarbij proberen we de schaatsbeweging zoveel mogelijk te kopiëren. Die jongens en meiden kunnen vaak nog hard skeeleren (met een zogenoemde ‘double-push’ bijvoorbeeld), maar dat willen we juist vermijden. Het is een training, geen wedstrijd.  

Daarnaast doen we – net als in de winter – veel fietsen, krachttraining en zogenoemde sprongtraining. Alles om straks in november goed voorbereid aan de start te staan! ”

4. Hoe vaak wordt er getraind? Is dit anders dan in een winterperiode?

Jac: “ We trainen twee keer per dag, gemiddeld zes dagen in de week. Het maakt niet of het winter of zomer is. Alleen is de intensiteit in de zomer (de voorbereiding) wel vaak hoger dan in de winter, want dan wil je enkele dagen ook fris aan de start van een wedstrijd kunnen staan. ”

5. Trainen de atleten meer of minder samen gedurende de zomerperiode of maakt dit geen verschil in vergelijking met de rest van het jaar?

Jac: “ Zowel in de zomer als winter trainen de atleten zoveel mogelijk met elkaar, aangezien je door samenwerking een hoger niveau kan halen. Maar ik schrijf voor iedereen een individueel programma, dus het is geregeld puzzelen wie nou welke training met elkaar kan doen. Soms zijn er drie of vier verschillende groepen aan het trainen op meerdere locaties.

In de winter heb je dan ook nog de complicerende factor dat je rekening moet houden met het wedstrijdprogramma van de diverse rijders. Als de helft van de ploeg in Rusland is vanwege een World Cup en de rest blijft in Nederland, dan wordt die puzzel nog wat ingewikkelder. Maar ach, dat is ook de uitdaging. ”

6. Wordt er strikt op voeding gelet gedurende het jaar door de schaatsers? Is dit anders in de zomerperiode? 

Jac: “ Ook gedurende de zomer letten wij heel goed op onze voeding. Dat moet ook wel, aangezien de atleten dagelijks tweemaal een training doen, zes dagen in de week. Je hebt dan als topsporter heel veel nutriënten nodig om je lijf in topconditie te houden zodat je steeds maximaal kan presteren.

We kiezen daarom voor een uitgebalanceerd en rijk dieet. Een sporter als Hein Otterspeer kan op een zware trainingsdag wel tot 6000 caloriën tot zich nemen. En dan blijft hij nog super afgetraind.

Daarnaast gebruiken we rondom de trainingen sportvoeding, zodat essentiële nutriënten direct worden aangevuld. We gebruiken voor energierepen, dorstlessers, repen met extra proteïne en energygels. Dit alles wordt nog aangevuld met supplementen, waaronder een multivitamine, een vitamine C-complex en magnesium. ”


Onze schaatsers doen er dus alles aan goed voorbereid en getraind aan het nieuwe seizoen te beginnen en.. dat seizoen gaat op 5 oktober weer van start! De schaatsers zullen die dag de eerste wedstrijd weer rijden: de clubrace. Ga jij de schaatsers weer volgen dit jaar? 

Meer lezen?

Blijf op de hoogte!